
Deze receptenreeks is puur associatief. Merkwaardigerwijze kom ik daar pas bij het schrijven van dit blogje achter. Want na vorige week iets met walnoten te hebben gedaan, weet ik deze week opnieuw de weg naar het notenschap te vinden. De weken daarvoor had ik een intense band met sinaasappels. Het lijkt wel op zo’n spelletje waarbij je steeds de tweede helft van een woord gebruikt om een nieuw woord te vormen: appeltaart - taartmes - messteek - steekwapen - etcetera. Benieuwd wat ik volgens week uitkies…
In het Parool van deze week stond een mooi verslag van Nienke Denekamp die op bezoek was bij Cees Holtkamp. Holtkamp kennen we natuurlijk van de Amsterdamse banketbakkerij. In de krant doet hij zijn recept van zijn overheerlijk citroenmeringuetaartje uit de doeken. ‘Niet improviseren is de tweede natuur van een banketbakker’ citeert Denekamp de gepensioneerde meester. Het gaat om de details – de spullen moeten elke dag hetzelfde smaken. Holtkamp werkt aan een receptenboek, ik verheug mij daar nu al op! Niet improviseren – daar kan ik nog wat van leren. Dit weekend ging het in dat opzicht niet zo goed. Mijn pruimentaart met walnoten en chocolade had langer de tijd nodig dan ik mij had voorgesteld. Helaas moest en zou ik naar een bijeenkomst buiten de deur – en dus heb ik het taartje te vroeg uit de oven gehaald. Daar waar de binnenkant zo zou moeten zijn dat een ‘in het midden van de taart gestoken satéstokje er schoon uitkomt’, vormde de binnenkant in mijn geval een wat kleverig van massa. Dat kan vele malen beter! Ik zal het citaat van Holtkamp ergens in de keuken ophangen.
Wat heb ik gedaan? 200 gram walnoten en 200 gram pure chocolade fijngehakt in de – jawel – magimix. Daar een eetlepel 2 theelepels espresso en 100 gram maizena – grappig, anders wordt het natuurlijk nooit één geheel die noten en chocoladebrei - aan toegevoegd. In een kom 200 gram zachte boter gemengd met 185 gram suiker. Daar om en om 4 eierdooiers en het walnoten chocolademengsel toegevoegd. Als klap op de vuurpijl 2 theelepels (koffie) likeur erdoor. De resterende vier eiwitten stijf geklopt en voorzichtig door het mengsel geschept. Het geheel in een springvorm van 25 cm gestort, die ik daarvoor had ingevet en bekleed met bakpapier. Na dit taartje ongeveer een half uur op ongeveer 170 graden te hebben gebakken, een stuk of zes halve pruimen met de bolle kant op de taart gedrapeerd. Daaroverheen twee eetlepels bruine basterdsuiker en een eetlepel boter verdeeld. Dit geheel terug in de oven en volgens recept 40 minuten afbakken. Dat had in mijn geval beter langer kunnen duren.
Een beetje kleverige taart is toch ook lekker? Jazeker, manlief geeft ‘m een 7 en de kinderen zijn uit logeren, dus die hebben geen recht van spreken. En vermoedelijk wordt het volgende week weer iets met maizena. De pruimen, chocolade en walnoten hebben we al gehad.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten